De fysieke speel- en leeromgeving van morgen: zeven pijlers

door: André Veldhuizen en Paul van Vliet

Dat de speel- en leeromgeving als ‘derde pedagoog’ een belangrijke bijdrage levert aan betere ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen is al lang onderkend. Vanuit verschillende pedagogische en didactische denkwijzen wordt in toenemende mate het belang van een rijke educatieve omgeving onderstreept. Tegenwoordig besteden scholen en kinderopvangorganisaties gelukkig ook meer aandacht aan een rijke en gevarieerde inrichting. Een doordacht ingericht Integraal Kindcentrum (IKC) met een sfeer die past bij de visie van de deelnemende organisaties – zoals kinderopvang, onderwijs, jeugdzorg – schept een voorwaarde voor de ontwikkeling en draagt bij aan het welbevinden van kinderen en professionals. Vanuit de pedagogische en vanuit de facilitaire kant belichten we in deze bijdrage de eisen die er worden gesteld aan die omgeving. Vervolgens haken we hierop in met een specifieke 7-pijlers-aanpak waarmee kinderopvang- en onderwijsinrichters de speel- en leeromgeving
doorslaggevend verbeteren.

Volgens de inzichten van bijvoorbeeld het Italiaanse Reggio Emilia, maar ook de methode van John Hattie, de auteur van Leren zichtbaar maken, leren kinderen veel van elkaar en met elkaar en zijn daarmee elkaars eerste pedagoog. De tweede pedagoog wordt gevormd door de volwassenen, de leerkrachten, ouders en anderen. De ruimte, de inrichting en de materialen zijn dan de derde pedagoog. De omgeving en materialen moeten zorgen dat kinderen zich veilig voelen en zich op alle gebieden kunnen ontplooien.

Speel- en leeromgeving

Uitnodigende, transparante en flexibele ruimtes waar zowel voor samenspelen en
samenwerken plaats is, als rustige plekken waar kinderen zich kunnen terugtrekken, zijn hierbij essentieel. Flexibiliteit komt ook duidelijk naar voren uit de ideeën van Dr. Michael Kirch, die de leerstoel Didactiek en Pedagogiek voor het Primair Onderwijs van de LudwigMaximilians-Universität in München bekleedt.

Kirch heeft veel onderzoek gedaan naar de omgeving waarin kinderen en professionals zich optimaal kunnen ontwikkelen. Hij is ervan overtuigd dat de speel- en leeromgeving het gedrag van kinderen, teamleiders, leerkrachten en ook betrokken ouders positief kan beïnvloeden. Nieuwe inzichten, ontwikkelingen en uitdagingen vragen om een innovatieve, flexibele omgeving waarin ruimte ontstaat om bijvoorbeeld gepersonaliseerd onderwijs te geven. Licht, klimaat, sfeer, akoestiek, technologie en inrichting kunnen de persoonlijke ontwikkeling van zowel kinderen als volwassenen ondersteunen.

Facilitaire bril

Om de ontwikkelingen binnen de kinderopvang en het primair onderwijs letterlijk een goede plek te geven, is er ook behoefte aan een frisse en doordachte kijk op huisvesting en interieur door een facilitaire bril.

Daarom hebben wij in 2016 samen met de opleiding facility management de facilitaire en beheersmatige kant van onderwijsgebouwen laten onderzoeken. Hiertoe zijn een paar studenten aan de slag gegaan met specifieke afstudeeropdrachten. Als we de onderzoeksvragen van deze studenten vertalen naar IKC’s dan zijn de hoofdvragen:

  • Wat zijn de gevolgen van trends en ontwikkelingen in opvang en onderwijs voor de fysieke speel- en leeromgeving?
  •  Hoe kan de speel- en leeromgeving de samenwerking tussen IKC-deelnemers bevorderen?

Er zijn voor kinderopvang en primair onderwijs momenteel nog verschillende uitgangspunten.Tegelijk zijn er zeven overeenkomstige pijlers, blijkt uit het onderzoek: diversiteit, keuzevrijheid, identiteit, flexibiliteit, ontmoeten, samen en duurzaamheid. De onderzoeken wijzen uit dat deze pijlers in belangrijke mate kunnen bijdragen aan een samenhangende en uitnodigende inrichting.

Ook de buitenruimte maakt deel uit van deze speel- en leeromgeving. Gelukkig zijn
steeds meer IKC-gebruikers zich ervan bewust dat die buitenruimte voor verbinding en samenkomst kan zorgen, evenals een fijne groepsruimte, een gezellige teamkamer, een uitnodigende koffietafel voor ouders en een prettige ontvangstruimte. Dergelijke plekken van samenkomst zijn essentieel voor de verbinding van kinderen met elkaar en helpen professionals en ouders om elkaar te kunnen ontmoeten. Ontmoeten, samenkomsten en vieringen zijn een wezenlijk onderdeel geworden van deze gebouwen en zijn onderdeel van de doorlopende leerlijnen en de samenspraak tussen de gebruikers.

Het inrichten van de binnen- en buiten-omgeving van een IKC moet worden gekoppeld aan ontwikkelingen die gaande zijn in opvang, onderwijs en jeugdzorg. Daarbij zijn de visie en de ambities van de betrokken kinderopvang en schoolorganisatie leidend. De inrichting biedt kansen om die verschillende werelden op één lijn te krijgen, te verbinden en bij elkaar te brengen.

Samen op één lijn

De verschillende werelden binnen een IKC hebben vier inhoudelijke thema’s te bespreken: Visie (pedagogisch/didactisch), Kind, Gebouw en Technologie. Het is in ieders belang om over deze thema’s op één lijn te komen. De vier onderwerpen vormen ook de basis van een passende inrichting van de speel- en leeromgeving.

Is de gezamenlijke basis helder, dan kunnen de zeven eerder genoemde pijlers of succesfactoren voor de inrichting ter sprake komen. Voor de deelnemers van IKC’s geven deze pijlers houvast voor het maken van de juiste analyse. Hoe zijn deze factoren nú ingevuld? Zijn we daar tevreden over? Zo krijgen deelnemers zicht op verbeterpunten om de huisvesting en inrichting beter in balans te krijgen.

De zeven pijlers

Diversiteit

Er ontstaan steeds meer brede scholen, Multifunctionele Accommodaties (MFA’s) en IKC’s: plekken waar voorzieningen voor kinderen bij elkaar worden gebracht, zoals opvang, peuterwerk, onderwijs, Passend onderwijs en groepen met extra aandacht voor vluchtelingenkinderen. De diversiteit op school en in de kinderopvang neemt toe. Een antwoord op al die verschillende vragen van kinderen, de achtergronden, leerstijlen, beperkingen en specifieke begaafdheden is bijvoorbeeld een meer gepersonaliseerde ontwikkelomgeving. Welke eisen stelt die diversiteit aan de inrichting van een IKC? Hoe laten we kinderen met verschillende culturele achtergronden zich thuisvoelen in één gebouw?

Keuzevrijheid

Omdat kinderen zich op veel verschillende manieren kunnen ontwikkelen, is er meer
keuze in speel- en leerplekken nodig. Zodat samenspelen en -werken kan worden afgewisseld met bijvoorbeeld geconcentreerd werken, projectgestuurd werken of een groepsinstructie.

Moet ieder kind in de toekomst nog wel een eigen leerlingenset hebben? Is er meer behoefte aan plekken waar je staand of bewegend kunt leren? Traditionele klaslokalen zullen vaak veranderen in ruimtes met variabele leer- en werkplekken.

Identiteit

Identiteit staat op papier en zit in de hoofden van kinderen, ouders en medewerkers. De inrichting van het gebouw kan de identiteit van een IKC onderstrepen. Veel organisaties kiezen ervoor een stevig beeld neer te zetten om een omgeving te creëren waarin kinderen van 0 tot en met 12 jaar zich helemaal thuisvoelen. Als een kindcentrum ‘huiselijkheid’ wil uitstralen of een school wil zich onderscheiden als ‘theaterschool’ of ‘open wijk school’, dan kunnen de sfeer van de inrichting, de vormgeving, het kleurgebruik, afbeeldingen en dergelijke dit beeld versterken. Specifieke en bewuste keuzes voor bijvoorbeeld een digitaal atelier, een ouderkamer, een muziekplek of een kookeiland werken ook door op het imago van een kindcentrum en dragen bij aan de beleving van de identiteit.

Flexibiliteit

Meer variatie in activiteiten vraagt om een inrichting die flexibel is. Teams willen graag snel en makkelijk de indeling veranderen of een ruimte kleiner of juist groter maken. Dat stelt natuurlijk hoge eisen aan de inrichting. Materialen die hoogte instelbaar zijn, makkelijk verplaatsbaar en ergonomisch up-to date, vergroten de flexibiliteit. Niet alleen met betrekking tot de inrichting van speelruimten en leslokalen, maar ook voor leerpleinen, garderobes en opbergunits.

Ontmoeten

Een IKC is dé plek voor ontmoetingen, vieringen en voorstellingen waarbij iedereen welkom is: kinderen, ouders, grootouders, leerkrachten en misschien wel de buurtbewoners. Door passende en sfeervolle plekken hiervoor in te richten, krijgt het gebouw de gewenste sociale functie. Hangplekken en buitenspeelplekken kunnen ook het karakter krijgen van een ontmoetingsplek. Het is een kwestie van keuzes maken om dit aspect kracht bij te zetten.

Samen

Saamhorigheid is belangrijk voor kinderen om zich veilig en vertrouwd te voelen in een
groep. Waar ondersteunt de inrichting de verbinding? Samen werken, samen spelen en
samen delen zijn uitgangspunten die in iedere opvang of school thuishoren. Een werkplaats, een leerlandschap of buitenspeelplek kunnen de mogelijkheid bevorderen om zich samen te ontwikkelen. Met name voor buitenschoolse opvang en bij het thematisch werken kan dit een belangrijke overweging zijn.

Duurzaam en groen

Een duurzaam gebouw met een fijn, natuurlijk interieur en een groene aanpak draagt bij aan de sfeer en identiteit van een IKC. Enerzijds kunnen planten in het gebouw en ruimte voor een schooltuin of een dierenverblijf kinderen en team prikkelen om aandacht aan de natuur te besteden. Deze natuurlijke elementen geven bovendien rust in de omgeving. Anderzijds staat de algemene aandacht voor het milieu in de belangstelling en worden effecten op het milieu bij het bouwen en inrichten van de huisvesting steeds belangrijker. De eerste ‘groene kinderopvang’ bestaat al.milieu bij het bouwen en inrichten van de huisvesting steeds belangrijker. De eerste ‘groene kinderopvang’ bestaat al.

Een uitgebalanceerde speel- en leeromgeving

Door deze zeven pijlers stuk voor stuk aandacht te geven bij de inrichting van een IKC, ontstaat voor de kinderen een uitgebalanceerde speel- en leeromgeving die ook nog eens de samenwerking tussen de verschillende IKC-deelnemers bevordert. Door de manier van werken kan er methodisch toegewerkt worden naar een gezamenlijke ambitie met kennis van en respect voor elkaars primaire taken. Zo hebben niet alleen de deelnemers maar ook de gebruikersgroepen profijt van de gezamenlijke huisvesting.

Voor een toekomstbestendig (beter gezegd: toekomstbehendig!) IKC zijn er dus veel essentiële keuzes te maken. Daarbij zijn de plaats van ICT binnen het onderwijs en de kinderopvang, aandacht voor materialen voor gepersonaliseerd leren, de komst van de onderwijsrobot, het werken met touchscreens, nog niet eens genoemd. Hoe creëer je een functionele, flexibele en plezierige speel- en leeromgeving?

Het is constructief en inspirerend om met elkaar over deze zaken na te denken aan de hand van een doordachte aanpak. De zeven pijlers vormen een goede leidraad. Het helpt de gebruikers om te beoordelen of ze voldoende aandacht geven aan iedere pijler afzonderlijk en aan de ideale mix van de factoren gezamenlijk. Zo ontstaan inzichten die kunnen helpen om de inrichting van het IKC te optimaliseren.